Overslaan en naar de inhoud gaan

Reactie consultatie extra verlengingsgronden inburgering

Geachte mevrouw Coenradie,

Divosa is de vereniging van directeuren en leidinggevenden in het sociaal domein en maakt zich sterk voor de gemeentelijke uitvoering. Divosa ondersteunt en faciliteert het leren in de uitvoering van de Wet inburgering 2021 en staat in nauw contact met diverse uitvoeringsorganisaties uit de inburgeringsketen. Vanuit dit perspectief reageren wij op uw voorstel voor de wijziging van de Regeling inburgering 2021.

Over het algemeen zijn wij positief over de voorgestelde verlengingsgronden en dat het Rijk de signalen vanuit de uitvoering serieus neemt. Dat is hoe we leren in het huidige inburgeringsstelsel. Vanuit de uitvoering wordt al lange tijd gepleit voor verlenging van de inburgeringstermijn bij gebrek aan kinderopvang en voor starten vanuit de opvang. Ook de signalen dat werk lastig te combineren is met inburgering zijn breed bekend. Wel zien we een aantal aandachtspunten met betrekking tot de uitvoering van de voorgestelde verlengingsgronden.

1. Over de verlengingsgronden

Voorop staat dat de inburgeraar niet gestraft zou moeten worden als er een legitieme reden is om de inburgeringstermijn te overschrijden. Verlengingen aanvragen is op dit moment een omslachtig proces. De inburgeraar kan een half jaar vóór afloop van de termijn het verlengingsverzoek indienen. Dat doet de inburgeraar zelf, door dit per post op te sturen. In de praktijk worden de inburgeraars veelal bijgestaan door alerte consulenten en maatschappelijk begeleiders. De gemeente heeft met haar regierol het beste zicht op wanneer verlenging aanvragen noodzakelijk is. Divosa merkt dat de verschillende verlengingsgronden ingewikkeld zijn. Daarbij wordt voor iedere verlengingsgrond een andere bewijslast gevraagd.

Voor nu zijn de inburgeraars geholpen met de verlengingsgronden, maar het proces van aanvragen met de bijbehorende bewijslast is zowel voor inburgeraars als professionals ingewikkeld. Voor de toekomst verzoeken wij om te onderzoeken hoe het proces rondom de verlengingen versimpeld kan worden en de administratielast te verlichten. Divosa denkt hier graag in mee.

2. Nieuwe verlengingsgronden

Kinderopvang

De verlengingsgrond bij gebrek aan kinderopvang biedt lucht voor ouders met jonge kinderen. Wel hebben wij hierover een aantal aanvullende vragen waar verduidelijking op nodig is: 

  • Is de verlenging aan te vragen als er wel plek is op de kinderopvang maar niet voor voldoende dagen?
  • Kan deze verlenging ook worden aangevraagd als er sprake is van gebroken periodes van kinderopvang, bijvoorbeeld bij personeelstekort op de opvang of aanpassing van de lesroosters van de inburgeraar? En kunnen de periodes dan bij elkaar worden opgeteld? Of dient iedere periode dan uit afzonderlijk uit minimaal 3 aaneengesloten maanden te bestaan?
  • Bestaat er een maximale termijn voor deze verlengingsgrond?

Om de administratielast te verlichten, bevelen wij een standaardformulier aan. De gemeentelijke consulent kan hierop invullen hoeveel maanden er geen of onvoldoende plek was op de kinderopvang.

Werkende inburgeraars

De verlenging voor inburgeraars die 32 uur werken voor ten minste een aaneengesloten periode van 6 maanden biedt, zoals in de nota van toelichting wordt uitgelegd, met name uitkomst voor gezinsmigranten en asielmigranten in de B1-route. In de praktijk zijn Z-routers uitgesloten; voor hen is het bijna onmogelijk om 32 uur te werken naast de taallessen. Juist deze groep, die meer moeite heeft met leren, heeft baat bij extra tijd om in te burgeren.

Wij pleiten voor een verlaging van de urengrens van 32 naar 24 uur, zodat meer inburgeraars gebruik kunnen maken van deze voorgestelde verlengingsgrond. Deze verlengingsgrond werkt ons inziens extra motiverend om naast de inburgering te gaan of blijven werken. En uit onderzoeken weten we dat het leren van de taal sneller gaat als taallessen hand in hand gaan met participatie of werk (mits in een talige omgeving). Wij begrijpen dat iedere urengrens discutabel is. Tegelijkertijd is dualiteit de ambitie van de Wi2021, en het liefst in combinatie met betaald werk.

Tevens vragen wij in deze reactie aandacht voor zzp’ers die in het voorstel tot aanpassing van de Regeling inburgering 2021 uitgesloten zijn van deze verlengingsgrond. Terwijl zij vaak veel uren maken en dit met de inburgering moeten combineren. Wordt voor deze groep onderzocht hoe zij in de toekomst gebruik kunnen maken van deze verlengingsgrond? Ook is er een grote groep inburgeraars die via uitzendbureaus werkt met wisselende uren per week of in ploegendienst. Voor hen is het lastig om een passend rooster te maken. Ook zij moeten de mogelijkheid krijgen om van deze verlengingsgrond gebruik te kunnen maken.

Starten in de opvang

Voor inburgeraars kan deze nieuwe verlengingsgrond een steun in de rug zijn om al met de inburgering te starten voordat er een woning beschikbaar is in de gekoppelde gemeente. Dat vinden wij terecht, omdat bekend is dat de voorzieningen in de opvang lang niet altijd ideaal zijn om te kunnen studeren en de wachttijden voor huisvesting steeds meer oplopen. Deze verlengingsgrond neemt het risico op boetes bij de inburgeraar weg, als zij in de knel komen met de termijn.

Deze verlengingsgrond legt echter extra financiële risico’s bij de gemeenten. De gemeente moet de vroege start eerst uit eigen zak voorschieten. Valt de inburgeraar uit of wordt deze omgekoppeld naar een andere gemeente, dan is de eerste gemeente zijn investering kwijt. Als tweede risico noemen we dat omstandigheden in de opvang vaak niet optimaal zijn. Hierdoor hebben inburgeraars die met inburgeren starten in de opvang meer lessen nodig dan wanneer zij gehuisvest zijn in de gemeente.

Allereerst vragen we om omkoppelingen en verhuizingen van inburgeraars die vroeg starten onmogelijk te maken. Hiervoor is een grond voor gegevensuitwisseling in TVS tussen gemeenten en COA nodig. Daarnaast roepen we op om het financiële risico voor gemeenten te beperken door het mogelijk te maken de SPUK inburgeringsmiddelen vrij te laten komen bij een vroege start (na vaststelling PIP). Tot slot verzoeken we om bij het lopende kostenonderzoek (onderdeel van de Tussenevaluatie) ook te kijken naar de extra kosten die deze extra verlengingsgrond eventueel met zich meebrengt voor gemeenten en aanbieders.

3. Aandachtspunten

Financiën

Alle verlengingen leggen een financieel risico bij gemeenten. Dat speelt niet alleen bij de vroege start, zoals hierboven toegelicht. Alle verlengingen hebben gevolgen voor de inkoop van de inburgeringstrajecten, waarvoor gemeenten verantwoordelijk zijn. Het is bekend dat de financiële systematiek van de Wi2021 ingewikkeld is voor gemeenten. De SPUK kan steeds slechts één jaar worden meegenomen. Als inburgeraars tussentijds niet kunnen inburgeren en na 3 jaar wordt de termijn verlengd dan zijn gemeenten de SPUK-middelen (grotendeels) kwijt als zij deze niet hebben besteed. Dit vraagt om nader te kijken naar de betalingssystematiek van de SPUK-inburgeringsvoorzieningen en hier meer flexibiliteit in mogelijk te maken.

Uitspraak Europees Hof van Justitie

Ook zien wij een verband tussen de verlengingen en de uitspraak van het Europees Hof van Justitie over de boetesystematiek van de Wet inburgering 2013, die waarschijnlijk ook directe gevolgen heeft voor het huidige stelsel. Mogelijk is dit moment een kans om de vereenvoudiging van het proces rondom verlengingen en boetes te onderzoeken. Wij worden graag als ketenpartner betrokken bij de gevolgen van de uitspraak van het Europees Hof voor de uitvoeringspraktijk.

Tekort aan participatie-aanbod 

Een behoefte uit de uitvoering, waar in deze voorgestelde wijziging van de Regeling inburgering 2021 nog geen gehoor aan is gegeven, is een verlengingsgrond bij geen of te weinig participatie-aanbod in de Z-route. Momenteel is hier nog geen verlenging voor aan te vragen via de bestaande verlengingsgronden, terwijl een tekort aan participatieaanbod niet te wijten is aan de inburgeraar.

Communicatie

Tot slot roepen wij op om de informatie te verduidelijken in de Regeling inburgering 2021 en vervolgens de website van DUO over het niet-cumulatief optellen van de verlengingsgronden bij langdurige ziekte en bijzondere individuele omstandigheden. De wijze waarop dit in de nota van toelichting is beschreven, is complex en vraagt om opheldering.

4. Conclusie

Als facilitator van het leren in de uitvoering is Divosa blij dat gehoor wordt gegeven aan signalen van de uitvoering. De nieuwe verlengingsgronden zijn een welkome aanvulling voor zowel de inburgeraars als de uitvoerders van de Wet inburgering 2021. Wel zien we dat de verlengingen an sich veel administratieve taken bij de uitvoeringspartners neerleggen. We vragen aandacht voor het verkennen van manieren waarop de administratieve last verlicht kan worden. En adviseren in gesprek te gaan met uitvoerende partners om de gevolgen voor de inkoop van inburgeringsaanbod in kaart te brengen. Uiteraard zijn wij bereid om mee te denken.


Met vriendelijke groet,

Victor Everhardt
Voorzitter Divosa